Behandeling van peritoneaal gemetastaseerd maagcarcinoom met cytoreductieve chirurgie en hypertherme intraperitoneale chemotherapie, een multicenter gerandomiseerde fase III studie (PERISCOPE II).
Onderzoekssamenvatting
Maagkanker patiënten met beperkte buikvliesuitzaaiingen en/of met tumorpositief buikvocht hebben zonder behandeling een zeer slechte prognose: ca. 50% is 10 maanden na diagnose overleden [3, 5]. De incidentie van maagkanker is in Nederland ca. 1000 nieuwe patiënten per jaar. Bij ongeveer 9% van de patiënten is ten tijde van de diagnose sprake van buikvliesuitzaaiingen zonder uitzaaiingen elders in het lichaam[3].
De huidige standaardbehandeling voor patiënten met buikvliesuitzaaiingen van maagkanker bestaat uit palliatieve systemische chemotherapie. De respons op systemisch toegediende chemotherapie in deze groep is laag, waarschijnlijk door de bloed-peritoneaal barrière waardoor de chemotherapie slecht doordringt tot de uitzaaiingen in de buikholte [6]. Hoeveel patiënten beperkte buikvliesuitzaaiingen hebben is niet bekend omdat het op dit moment niet geregistreerd wordt.
Hypertherme intraperitoneale chemotherapie (HIPEC) is een bekende behandeling van buikvliesuitzaaiingen bij dikkedarm- en eierstokkanker [9, 10]. In meerdere landen wordt HIPEC ook veelvuldig toegepast bij maagkankerpatiënten, met veelbelovende resultaten waarbij de overleving verbeterde naar gemiddeld 18 maanden [12-14, 30]. Echter deze resultaten zijn verkregen via cohort onderzoeken waarin de HIPEC behandeling niet vergeleken wordt met standaard behandeling in dezelfde groep patiënten. Om te kunnen stellen dat deze behandeling leidt tot een langere overleving moet dit worden vergeleken in een gerandomiseerd onderzoek.
Probleemstellingen:
1. Patiënten met maagkanker met beperkte buikvliesuitzaaiingen en/of met tumorpositief buikvocht hebben zonder behandeling een zeer slechte prognose.
2. De huidige standaardbehandeling, palliatieve systemische chemotherapie, biedt geen lange-termijn overleving.
3. De resultaten uit eerdere cohort onderzoeken zijn niet direct toepasbaar omdat er geen vergelijking is gemaakt met palliatieve systemische behandeling in dezelfde groep.
De PERISCOPE II is een gerandomiseerde studie waarin de huidige Nederlandse standaardbehandeling (palliatieve systemische chemotherapie) vergeleken wordt met een combinatie behandeling bestaande uit een maagresectie, cytoreductieve chirurgie en HIPEC. Er wordt gekeken naar algehele overleving, ziektevrije overleving, bijwerkingen en complicaties, kwaliteit van leven en kosten in relatie tot gezondheidswinst.
De huidige behandeling voor maagkanker patiënten met beperkte buikvliesuitzaaiingen en/of tumorpositief buikvocht is palliatieve systemische chemotherapie. Dit onderzoek richt zich op een nieuwe behandeloptie die al succesvol toegepast wordt bij buikvliesuitzaaiingen van andere tumortypen (bijv. dikkedarmkanker). Dit sluit aan bij de KWF missie “stimuleren van betere kankerbehandeling”, aangezien we na de PERISCOPE II studie patiënten met beperkte buikvliesuitzaaiingen mogelijk een betere behandeloptie kunnen bieden. Hierdoor zouden ze mogelijk langer kunnen leven.
Het primaire doel van de studie is het vergelijken van de algehele overleving van patiënten met een naar het buikvlies uitgezaaid maagkanker behandeld met systemische chemotherapie gevolgd door een operatie bestaande uit een maagverwijdering, cytoreductieve chirurgie (CRS) en HIPEC versus patiënten behandeld met palliatieve systemische chemotherapie alleen.
Secundaire eindpunten zijn de ziektevrije overleving, de bijwerkingen en complicaties van de experimentele behandeling en de kwaliteit van leven.
De PERISCOPE II studie is in oktober 2017 gestart met de inclusie van patiënten. Alle maagkanker patiënten met buikvliesuitzaaiingen (peritoneal cancer index (PCI) <7) en/of tumorpositief buikvocht komen in aanmerking voor inclusie mits de maagkanker resectabel is en er geen ziekteprogressie is tijdens voorbehandeling met systemische chemotherapie [46].
Patiënten die aan dit onderzoek deelnemen worden 1 op 1 gerandomiseerd in 2 groepen. De standaard arm krijgt palliatieve systemische chemotherapie. De experimentele arm krijgt de nieuwe behandeling bestaande uit een maagresectie, cytoreductieve chirurgie en HIPEC. Het maken van twee vergelijkbare groepen gebeurt middels loting door een computer. Hierbij wordt gestratificeerd voor ziekenhuis, het histologisch subtype van het maagkanker (intestinaal versus diffuus), en de uitgebreidheid van de buikvliesuitzaaiingen (zichtbare afwijkingen of alleen tumorpositief buikvocht). Deze studie betreft een multicenter studie en wordt uitgevoerd in samenwerking met 5 ziekenhuizen in Nederland (NKI-AVL, Erasmus MC, Catharina Ziekenhuis, UMCG en UMCU). Daarnaast is een samenwerking aangegaan met 6 buitenlandse centra (waarvan al 2 geopend zijn). In totaal zullen 226 patiënten geïncludeerd worden, over een periode van 8 jaar. Op dit moment (Maart 2022) zijn 63 patiënten geïncludeerd. Dat betekent dat er nog 163 patiënten in de komende 3.5 jaar moeten worden geïncludeerd. Wij verwachten dat dit mogelijk is door de nieuwe samenwerking met buitenlandse centra en door het openen van extra centra in Nederland (waar de standaardbehandeling gegeven kan worden). Na de inclusieperiode zal nog 9 maanden additionele follow-up plaatsvinden.
De verwachte meerwaarde van de experimentele behandeling houdt in een verlenging van de mediane overleving van 10 naar tenminste 18 maanden, een verbetering van de kwaliteit van leven en bij een selecte groep van patiënten genezing.
G. Omschrijving stappen nodig om resultaat te implementeren
Na het afronden van de studie en analyse van de resultaten zullen deze gepubliceerd worden. Met het nieuw gevonden bewijs zal de richtlijn maagkanker worden aangepast. Als het leidt tot een betere overleving wordt de behandeling opgenomen in het basispakket. Additionele centra die in aanmerking komen om de behandeling uit te voeren (ervaring met maagchirurgie en HIPEC behandeling) zullen worden ingelicht over de behandeling en hoe deze uitgevoerd dient te worden. Hierbij maken wij gebruik van de ervaring van de OVHIPEC studieteam (HIPEC bij eierstokkanker).