[18F]Tetrafluorobuorate (TFB) PET/CT voor detectie van schildklierkanker

Alpe d'HuZes
lopend

Onderzoekssamenvatting

De huidige diagnostiek bij patiënten met een biochemisch recidief van schildklierkanker is onvoldoende gevoelig om schildklierkankerlocaties accuraat te detecteren. De Nederlandse en Amerikaanse behandelrichtlijnen adviseren het gebruik van radioactief-jodiumscans, zoals scintigrafie en SPECT/CT, bij patiënten bij wie de tumormerkstof thyreoglobuline (Tg) in het bloed aanwezig is.

Radioactief jodium wordt opgenomen door schildkliercellen en schildklierkankercellen en is zeer specifiek voor de detectie van schildklierweefsel en schildklierkanker, omdat andere weefsels geen of weinig jodium opnemen. Helaas is de diagnostische opbrengst van een radioactief-jodiumscan laag. Als onbekend is waar de ziekte zich bevindt, wordt soms een blinde behandeling met radioactief jodium-131 (I-131) gegeven om daarna een scan te maken. Helaas is ook de opbrengst van deze post-therapiescans laag: slechts bij 50% van de patiënten wordt opname van jodium in schildklierkanker gevonden. Dit betekent dat de helft van de patiënten onnodig wordt blootgesteld aan een hoge dosis radioactief jodium, met hoge stralingsbelasting en bijwerkingen.

Onderzoeksrichting / voorgestelde oplossing

In deze studie willen we een nieuwe scan onderzoeken die mogelijk gevoelig schildklierkanker en uitzaaiingen kan detecteren: de fluorine-18-tetrafluorboraat (TFB) PET/CT. Onlangs zijn door een Duitse onderzoeksgroep de eerste hoopvolle resultaten gepresenteerd van deze scan. De waarde en plaats van TFB PET/CT zijn nog niet duidelijk, omdat deze eerste studie een retrospectieve analyse van een heterogene patiëntengroep betrof.

TFB wordt, net als radioactief jodium, specifiek opgenomen door schildkliercellen en schildklierkankercellen. TFB heeft meerdere voordelen boven jodiumscintigrafie. Allereerst is het een PET-tracer die met PET/CT-scanners gedetecteerd kan worden. Deze scanners kunnen radioactieve straling veel gevoeliger en preciezer detecteren dan de klassieke gammacamera’s die voor jodiumscintigrafie worden gebruikt.

Ten tweede heeft de TFB PET/CT-scan als voordeel dat de scan op dezelfde dag als de toediening van de radioactieve stof plaatsvindt. Dit is anders dan bij jodiumscintigrafie, die 1 dag tot 1 week na toediening van het radioactieve jodium wordt gemaakt. Ten derde heeft de TFB PET/CT-scan een lagere stralingsdosis voor patiënten, zeker in vergelijking met een therapeutische dosis radioactief jodium, die soms nodig is om kankercellen voldoende in beeld te krijgen.

In dit project willen we de TFB PET/CT-scan in Nederland introduceren en gestructureerd, prospectief testen of deze techniek betrouwbaar schildklierkanker kan detecteren.

Onderzoeksopzet

Het project bestaat uit 2 werkpakketten.

  • Werkpakket 1: dit werkpakket betreft de introductie van TFB in Nederland. Om de TFB PET/CT-scan te kunnen maken, moet eerst de radioactieve tracer in Nederland beschikbaar worden gemaakt. Dit betreft de productie en bereiding van TFB volgens good manufacturing practice. Dit zal gebeuren in de radionuclidenapotheek van Amsterdam UMC, locatie VUmc. De radionuclidenapotheek van Amsterdam UMC is wereldwijd bekend vanwege de productie van nieuwe PET-tracers.
  • Werkpakket 2: dit werkpakket omvat 2 studies.

In de eerste studie worden 10 patiënten gescand die een operatie ondergaan voor schildklierkanker met bewezen uitzaaiingen in de lymfeklieren in de hals, bevestigd door een diagnostische punctie. Het doel van deze studie is het bepalen van het optimale scanprotocol. Dit doen we door een dynamische scan van 90 minuten te maken, die direct start na de toediening van TFB. Door metingen van activiteit in uitzaaiingen te doen, kunnen we het optimale moment van scannen bepalen. Ook onderzoekt de patholoog het door de chirurg verwijderde schildklierkankerweefsel. Dit wordt vergeleken met de uitslag van de PET-scan om te bepalen of al het verwijderde schildklierkankerweefsel ook zichtbaar was op de PET-scan.

In een tweede fase worden nog eens 10 patiënten met bewezen lymfekliermetastasen vóór de operatie gescand op het tijdstip dat bij de eerste 10 patiënten optimaal bleek. Op deze manier vormen we een groep van 20 patiënten met bewezen lymfekliermetastasen, waarbij we het aantal correct geïdentificeerde en foutief niet-geïdentificeerde lymfeklieren kunnen evalueren.

In de tweede studie worden patiënten gescand die na een operatie en behandeling met radioactief jodium in de loop van de tijd persisterende of recidiverende schildklierkankerhaarden blijken te hebben. Zij worden direct vóór geplande therapie met I-131, oftewel radioactief jodium, gescand. Na de therapie krijgen de patiënten de reguliere post-therapiescan. Op deze manier kunnen we het aantal gedetecteerde metastasen op de TFB PET/CT vergelijken met de post-therapie-I-131-scan. Zo onderzoeken we of TFB PET/CT accuraat kan voorspellen of, en zo ja welke, tumorhaarden radioactief jodium zullen opnemen.

Onderzoeksvragen

  • Kan TFB PET/CT gedifferentieerde schildklierkanker betrouwbaar afbeelden vóór de operatie?
  • Kan TFB PET/CT betrouwbaar identificeren of persisterende of recidiverende schildklierkankerhaarden radioactief jodium zullen opnemen?

Hypothese / doel

De hypothese is dat TFB PET/CT betrouwbaar de aanwezigheid van schildkliercellen en schildklierkankercellen kan aantonen en de huidige diagnostiek met hoge doseringen radioactief-jodiumscans kan vervangen. Daarmee kan worden voorkomen dat patiënten een niet-zinvolle behandeling met radioactief jodium ondergaan voor een jodiumnegatieve persisterende of recidiverende schildklierkankerhaard. Ook kan de scan helpen om bij patiënten met een nieuwe diagnose gevoelige halsklieruitzaaiingen te identificeren, zodat deze direct adequaat behandeld kunnen worden.

Verwachte uitkomsten

We verwachten dat TFB PET/CT, vanwege de gevoeligere scantechniek, schildklierkanker betrouwbaarder kan aantonen. Als dit het geval blijkt, zullen we vervolgstudies initiëren. In deze studies onderzoeken we wat de precieze waarde van TFB PET/CT is voor de stadiëring van patiënten met een nieuwe diagnose schildklierkanker. Daarnaast onderzoeken we in een tweede studie of de TFB PET/CT-scan schildklierkanker kan detecteren bij patiënten met een biochemisch recidief.

Als dit het geval blijkt, hoeven deze patiënten geen I-131-therapie en post-therapiescan te ondergaan. Hiermee wordt het mogelijk om op basis van de scan een optimaal beleid voor de patiënt te maken: chirurgie indien mogelijk als curatieve behandeling en I-131-therapie voor patiënten die hier baat bij hebben.

Benodigde stappen voor implementatie

Als TFB PET/CT inderdaad nauwkeurig schildklierkanker kan identificeren, zal een grotere landelijke studie worden geïnitieerd in samenwerking met patiëntenvereniging Schildklier Organisatie Nederland en de klinisch-wetenschappelijke vereniging Dutch Thyroid Cancer Group (DTCG). Het doel is om de meerwaarde van deze scan in een grote groep patiënten te bewijzen. Uiteindelijk moet de scan in heel Nederland beschikbaar worden en worden opgenomen in Nederlandse en internationale richtlijnen.

Nieuws en resultaten

Januari 2026

Schildklierafwijkingen die toevallig oplichten op een FDG-PET/CT-scan zijn minder vaak kwaadaardig dan richtlijnen nu zeggen. Dat blijkt uit een Nederlandse studie met gegevens van ruim 64.000 patiënten. In deze studie had 19,4% van deze afwijkingen te maken met kanker. In richtlijnen wordt nu nog uitgegaan van 31 tot 33%.

De studie laat ook zien dat zulke toevallige vondsten steeds vaker worden gezien. Toch verloopt het vervolgonderzoek niet altijd efficiënt. Een deel van de patiënten met een verdachte of onduidelijke uitslag van een punctie werd uiteindelijk niet geopereerd.Volgens de onderzoekers is daarom niet bij elke oplichtende schildklierafwijking meteen hetzelfde uitgebreide vervolgonderzoek nodig. Zij pleiten voor betere keuzes: bij welke patiënten is een punctie echt zinvol en bij welke niet?