Onderzoeker van de week: Joke den Haan

Onderzoeker Joke den Haan op haar werkplek
Als je het afweersysteem op de juiste manier activeert, kan het kankercellen herkennen en doodmaken. Ook alvleesklierkanker.
Dr. Joke den Haan

​Vetblaasjesvaccin tegen alvleesklierkanker

Vaccinatie is één van de meest effectieve manieren om ziektes terug te dringen. Er zijn weinig medische toepassingen die zo’n impact op de wereldgezondheid hebben. Vooral infectieziektes zoals polio, mazelen en difterie lenen zich goed voor vaccinatie. Maar ook steeds meer andere ziektes komen ervoor in aanmerking. Kanker bijvoorbeeld.

Dr. Joke den Haan, onderzoeker bij het VU Medisch Centrum, zet de eerste stappen op het gebied van een vaccin tegen alvleesklierkanker. Niet om te voorkomen dat mensen de ziekte krijgen, maar om patiënten met alvleesklierkanker mee te behandelen. Een therapeutisch vaccin, zoals dat heet.

Verguisd en bejubeld

Vaccineren tegen kanker is niet nieuw. Al in 1891 spoot William Coley bacteriën in de tumor van patiënten. Hij hoopte dat het afweersysteem daardoor werd gealarmeerd en de tumor te lijf zou gaan. Coley kreeg weinig bijval en zijn ideeën raakten al gauw in de vergetelheid.

In de jaren ‘60 en ’70 vond een ommekeer plaats. Wetenschappers ontrafelden de structuur van antistoffen, slaagden erin ze na te maken, en ontwikkelden ze tot kankerbehandeling. Ook ontdekten ze dat het aloude tuberculosevaccin BCG effect had op blaaskanker.

Langzaam maar zeker raakten steeds meer wetenschappers overtuigd van de kracht van het afweersysteem en de potentie van vaccins. Tegelijk drong het besef door dat nog veel basiskennis ontbrak. Sindsdien heeft het onderzoek naar het afweersysteem een enorme vlucht genomen.

Van kennis naar kunde

Ook Joke den Haan droeg haar steentje bij aan het doorgronden van de menselijke afweer: “Ik ben in 1997 gepromoveerd op de afweerreactie na beenmergtransplantatie. Daarna zat ik 5 jaar in Amerika om te achterhalen hoe het afweersysteem wordt geactiveerd. Ik heb me dus jarenlang beziggehouden met fundamentele vraagstukken."

 Het probleem is dat kanker minder lichaamsvreemd is dan bijvoorbeeld een virus of bacterie.

Nu is de tijd rijp om daar de vruchten van te plukken: “De kennis die we vergaarden, gebruiken we om nieuwe vaccinatiestrategieën voor kanker te ontwikkelen.”

Leren (her)kennen

Vaccinatie berust op het inspuiten van een entstof. Dit is meestal een onschadelijke variant van de ziekte die moet worden bestreden. De entstof alarmeert het afweersysteem en leert het lichaam de indringer te (her)kennen en op te ruimen.

Bij kankervaccins werkt dat hetzelfde, aldus dr. Den Haan: “Als je het afweersysteem op de juiste manier activeert, kan het kankercellen herkennen en doodmaken. Het probleem is dat kanker minder lichaamsvreemd is dan bijvoorbeeld een virus of bacterie. Het afweersysteem komt dus lang niet altijd in actie. Als je succesvol wil vaccineren, moet je niet alleen stukjes van de kanker aan het afweersysteem laten zien, maar ook extra alarmeringsstoffen toevoegen.”

Verstoppertje

Dat gaat ze proberen bij alvleesklierkanker, een kankersoort die goed onder de radar van het afweersysteem weet te blijven: “Bij alvleesklierkanker is het DNA van de tumorcellen minder beschadigd dan bij bijvoorbeeld melanoom, waar al wel een immunotherapie tegen is. Het afweersysteem ziet de tumor daardoor vaak over het hoofd. We denken dat als we het afweersysteem extra sterk activeren het wel degelijk alvleesklierkanker kan zien en bestrijden.”

Vetblaasjes vermomd als virus

Het geheim van het onderzoek is tweeledig. Ten eerste kiezen de onderzoekers een ongebruikelijke afweercel als doelwit: “De cel die we willen activeren is vrij onbekend. Er wordt weinig onderzoek naar gedaan en niemand dacht eigenlijk dat hij belangrijk zou zijn. In ons vooronderzoek zagen we echter dat deze afweercel een hele sterke afweerreactie kan opwekken.”

Wij gaan vetblaasjes maken waarin we stukjes kankereiwitten verpakken en andere alarmerende moleculen.

Maar hoe zet je die afweercel dan aan het werk als hij de kanker niet ziet? Den Haan verklapt de tweede truc: “Uit eerder onderzoek weten we dat deze afweercellen goed virussen herkennen. We maken daarom vetblaasjes die op een virus lijken. In die vetblaasjes verpakken we stukjes kankereiwitten, maar ook andere alarmerende moleculen. We vermoeden dat als we dat inspuiten, alle alarmbellen afgaan. En omdat het zo mooi is ingepakt, hopen we ook dat patiënten minder bijwerkingen hebben.”

Fan van het afweersysteem

Of dat gaat lukken, is in de wetenschap nooit met zekerheid te zeggen, maar aan Den Haan ligt het in elk geval niet: “Ik ben er dag en nacht mee bezig. Je moet voortdurend nadenken en afvragen of je het juiste aan het doen bent. Dat doe ik graag, want ik ben een enorme fan van het afweersysteem. Ik ben er heilig van overtuigd dat dat ontzettend veel power heeft. Ik vind het dus spannend om onze ideeën in de praktijk te brengen en te zien of het lukt. We doen ontzettend ons best. Dat geldt trouwens ook voor alle donateurs en vrijwilligers die dit onderzoek mogelijk maken en voor alle patiënten die bloed en tumormateriaal doneren. Daar wil ik ze bij dezen nog eens voor bedanken.”