Wel of geen chemo bij uitgezaaide darmkanker?

Illustratie onderzoekers, artsen en patiënten met de tekst "Dit onderzoek is mogelijk dankzij donaties".

Onderzoekssamenvatting

Gepubliceerd op 10 mei 2019

Het Catharina Ziekenhuis is een omvangrijke wetenschappelijk studie gestart om een doorbraak te forceren in de behandeling van uitgezaaide dikkedarmkanker. Patiënten met uitgezaaide dikkedarmkanker – ook wel buikvlieskanker genoemd - worden op dit moment wereldwijd wisselend behandeld. In sommige landen krijgen patiënten voor of na de operatie chemotherapie, in andere landen is het gebruikelijk om voor én na de operatie chemotherapie te geven.

Nederlandse artsen zijn vorig jaar juist gestopt met het geven van chemotherapie bij patiënten met buikvlieskanker, omdat wetenschappelijk bewijs over het nut van chemotherapie voor en na de operatie ontbreekt en de behandeling toch al zwaar is en chemotherapie de behandeling nog zwaarder maakt.

Doel van het project

In deze studie wordt in 8 Nederlandse ziekenhuizen uitgezocht óf en zo ja wélke patiënten baat hebben bij chemotherapie. De komende 6 jaar worden in totaal 340 Nederlandse patiënten met buikvlieskanker intensief gevolgd. De ene helft krijgt voor en na de operatie chemotherapie, de andere helft ondergaat alleen de operatie.

Voor deze groepen worden o.a. de levensverwachting, bijwerkingen, kwaliteit van leven en de zorgkosten vergeleken.

Relevantie voor de patiënt

De laatste jaren is grote vooruitgang geboekt in de overlevingskansen van patiënten met buikvlieskanker. De intensieve chirurgische behandeling verlengt de gemiddelde overleving van een patiënt met buikvlieskanker van 6 naar 36 maanden. Deze studie moet duidelijk maken of chemotherapie aan een verdere verhoging kan bijdragen, en of het mogelijk is om juist de patiënten te selecteren die baat hebben bij deze behandeling.