Behandeling op maat bij baarmoederkanker

onderzoeksdatabase

Onderzoekssamenvatting

Gepubliceerd op 30 maart 2020

De behandeling van een vroeg stadium baarmoederkanker bestaat uit een operatie, gevolgd door bestraling, om uitzaaiingen te voorkomen. De vraag is of die bestraling wel voor iedereen nodig is. Dit onderzoek zal daar een antwoord op geven.

Doel van het onderzoek

De onderzoekers willen bepalen of een individuele behandeling op maat bij baarmoederkanker mogelijk is, door het bepalen van een moleculair risicoprofiel van de tumor. Het idee is dat daardoor minder vrouwen onnodig inwendig bestraald hoeven te worden.

Waarom is dit onderzoek nodig?

In de laatste jaren zijn meer gegevens bekend geworden over verschillen tussen de baarmoederkankers bij verschillende vrouwen. Uitgebreid weefselonderzoek waarbij de moleculair-genetische eigenschappen van de tumoren onderzocht zijn, heeft kenmerken opgeleverd die de kans dat kanker zal terugkeren, beter kunnen voorspellen. Door deze eigenschappen op het baarmoederkanker-weefsel voor elke patiënt te bepalen, kan een ‘advies op maat’ worden gegeven.

Dat advies gaat over de vraag of, na de operatie, ook nog bestraling van de tumor nodig is. Naar verwachting heeft ongeveer de helft van de patiënten een gunstig moleculair profiel, waardoor de kans op terugkeer van de kanker laag is. Dat zou bestraling overbodig maken.

Bij de andere groep patiënten kan dan, op basis van het moleculaire profiel, nog onderscheid gemaakt worden tussen een grote groep waarvoor inwendige bestraling (brachytherapie) het beste zou zijn, en een kleine groep (ongeveer 5%) waarbij uitwendige bestraling van het hele bekkengebied nodig is, inclusief omliggend steunweefsel en lymfeklieren.

Hoe wordt dit onderzoek uitgevoerd?

500 deelnemende patiënten worden door loting verdeeld in 2 groepen. Deze groepen worden met elkaar vergeleken. Patiënten horen kort na de loting in welke groep ze terechtkomen.

Groep 1: krijgt de standaard nabehandeling met een korte serie van 3 inwendige bestralingen, gegeven in 2 weken tijd.

Groep 2: krijgt een bepaling van het moleculair risicoprofiel, dat wordt gedaan op een klein stukje van het bij de operatie verwijderde weefsel. Op basis daarvan krijgt de patiënt advies voor één van de volgende 3 nabehandelingen:

  • geen verdere behandeling, maar regelmatige controle;
  • een serie van 3 inwendige bestralingen, gegeven in 2 weken tijd (zoals bij de huidige standaardbehandeling);
  • uitwendige bestraling van het bekkengebied (23 à 27 dagelijkse korte bestralingen gedurende ongeveer 5 weken).

Wat levert dit onderzoek op?

Dit onderzoek zal laten zien of het bepalen van een moleculair tumorprofiel kan leiden tot een behandeling op maat voor vrouwen met baarmoederkanker.

Als de studie naar verwachting verloopt, kan worden aangetoond dat voor de helft van de vrouwen met baarmoederkanker bestraling niet nodig zal zijn. Deze groep kan dus de behandeling (en de bijwerkingen daarvan) bespaard blijven.