Baarmoederhalskanker behandelen en toch zwanger worden

AVL-gynaecoloog Nienke van Trommel

In het Antoni van Leeuwenhoek is een studie gestart naar baarmoederhalskanker en vruchtbaarheid. De onderzoekers willen bepalen of het mogelijk is om baarmoederhalskanker minder ingrijpend te opereren, zodat de kans groter is dat deze patiënten een kind kunnen krijgen.

Waarom is dit onderzoek nodig?

Baarmoederhalskanker op jonge leeftijd kan ingrijpende gevolgen hebben voor een eventuele kinderwens. Als de tumor tussen de 2 en 4 centimeter groot is, is het bijvoorbeeld nodig om de baarmoedermond en een deel van de vagina te verwijderen met een operatie. Als er na de operatie uitzaaiingen worden gevonden, krijgen vrouwen standaard nabehandeling met chemotherapie en bestraling. Door het ontbreken van de baarmoedermond neemt de kans om zwanger te worden af en de kans op vroeggeboorte toe. Slechts 6% van de vrouwen die deze operatie hebben ondergaan, zal later een baby krijgen.

Er zijn in het verleden een aantal kleine onderzoeken geweest waarin werd bekeken of het mogelijk was om niet de gehele baarmoedermond te hoeven verwijderen, door chemotherapie vóór de operatie te geven. Dit maakt de tumor kleiner, waardoor de ingreep aan de baarmoedermond beperkter kan zijn. De kans om een kind te krijgen steeg in deze onderzoeken naar 31%. Echter, de kleine studies waren te beperkt om met zekerheid te kunnen zeggen of deze behandeling effectief en veilig is.

In deze grotere studie wordt daarom een belangrijk gegeven onderzocht: kunnen we met chemo voor de operatie de kans op een succesvolle zwangerschap laten stijgen zonder dat de kans op terugkeer van de ziekte toeneemt?

Hoe wordt dit onderzoek uitgevoerd?

Vrouwen tussen 18 – 40 jaar met een baarmoederhalstumor (2-4 centimeter) en een kinderwens kunnen meedoen aan deze studie. Zij zullen eerst een lymfeklierdissectie ondergaan, waarbij wordt bekeken of er uitzaaiingen zijn. Als die er niet zijn, krijgen deze vrouwen een aantal kuren chemotherapie om de tumor te verkleinen. Wanneer die is geslonken tot minder dan 2 centimeter, dan wordt met een korte ingreep een deel van de baarmoedermond verwijderd.

Belangrijkste uitkomstmaat van deze studie is het percentage vrouwen dat een werkzame baarmoeder houdt aan het eind van de behandeling. Ook wordt onderzocht hoeveel patiënten bijwerkingen krijgen, bij hoeveel patiënten de tumor daadwerkelijk klein genoeg wordt en of het mogelijk is om te voorspellen bij wie de chemo wel of niet voldoende aanslaat, en wie een grotere kans heeft op terugkeer van de ziekte.

Wat levert dit onderzoek op?

De ziekte baarmoederhalskanker op jonge leeftijd heeft een grote impact. Na de angst om aan de ziekte te overlijden, geven veel vrouwen aan dat ze een grote ervaren dat ze nooit een kind zullen krijgen als gevolg van de behandeling. Deze studie levert een belangrijke bijdrage aan het veilig vergroten van de kans om deze kinderwens in vervulling te kunnen laten gaan.