De agressiviteit van neuro-endocriene tumoren voorspellen

Illustratie onderzoekers, artsen en patiënten met de tekst "Dit onderzoek is mogelijk dankzij donaties".

Onderzoekssamenvatting

​Gepubliceerd op 22 februari 2019

Longcarcinoïden

Neuro-endocriene tumoren zijn zeldzaam en komen het vaakst in de long voor. Deze longcarcinoïden kunnen worden onderscheiden in typische en atypische carcinoïden aan de hand van de snelheid waarmee de tumorcellen zich vermeerderen (delingssnelheid). 

Wanneer de longcarcinoïd nog niet is uitgezaaid, is een operatie de eerste behandelkeuze. Dit gaat vaak goed, maar in 30% van de gevallen keert de tumor binnen 10 jaar terug. Dat gebeurt vaker bij de atypische dan bij de typische carcinoïden. Omdat de behandelend arts niet precies kan voorspellen welke patiënt een terugkerende tumor heeft, moeten alle patiënten voor een langdurige periode na operatie worden gevolgd. 

Kans op terugkeer voorspellen

Door DNA-onderzoek in tumorcellen hebben onderzoekers onlangs twee markers (OTP en CD44) gevonden waarmee nauwkeurig voorspeld kan worden welke patiënten een grote kans hebben op terugkeer van de ziekte. In de dagelijkse praktijk zou dat betekenen dat de arts de mogelijkheid heeft om patiënten te selecteren die zorgvuldig gevolgd moeten blijven worden en patiënten voor wie dat niet nodig is. 

Uit dat onderzoek blijkt ook OTP een stofje is dat uniek is voor carcinoïden, maar dat er géén OTP wordt gezien in de agressievere, uitzaaiende carcinoïden. De onderzoekers denken daarom dat OTP essentieel is in het ontstaan van deze tumorcellen, maar daarna voorkomt dat de tumor agressief wordt. Hoe dit precies zit willen ze verder uitzoeken, omdat het een aanwijzing kan vormen voor hoe de agressieve variant beter behandeld kan worden. 

Doel van het project

Het doel van deze laboratoriumstudie is tweeledig:

Allereerst wordt in een groot bevolkingsonderzoek teruggekeken naar OPT en CD44 bij 1200 patiënten die tussen 2003 en 2012 met een carcinoïd te maken kregen. Van deze patiënten is inmiddels ook bekend of de ziekte is teruggekomen.

Daarnaast willen de onderzoekers de rol van OPT verder uitdiepen. Daarvoor hebben ze tumorcelkweken tot hun beschikking waarin ze OPT kunnen stimuleren en afremmen, en zien welke effecten dit heeft op de tumorcellen. 

Wat levert dit onderzoek op?

Goed kunnen voorspellen of de tumor agressief is of niet, voorkomt dat patiënten die het niet nodig hebben jaren na hun operatie worden overbehandeld. Dit zal resulteren in verlaagde zorgkosten en een betere patiënt-gespecialiseerde behandeling.

Het meer fundamentele onderzoek naar OPT zal bovendien zorgen voor meer kennis van het ziekteproces, en wellicht nieuwe aanknopingspunten bieden voor de behandeling van de groep patiënten bij wie de tumor agressiever van aard is.