Landelijke biobank voor (non-)Hodgkinlymfomen

Illustratie onderzoekers, artsen en patiënten met de tekst "Dit onderzoek is mogelijk dankzij donaties".

Waarom is dit onderzoek nodig?

Het wordt echter steeds duidelijker dat deze behandeling zijn sporen nalaat op latere leeftijd: overlevenden hebben een hogere kans op nieuwe vormen van kanker, hart- en vaatziekten, schildklierproblemen, longschade, vroege menopauze, botontkalking en vermoeidheid.

Doel van dit onderzoek

In 2008 werd het BETER-consortium opgericht, waarin onderzoekers deze late effecten trachten te verminderen. In dit consortium zetelen radiotherapeuten, hematologen, epidemiologen, huisartsen en afgevaardigden van Hematon, de patiëntenorganisatie. Dit consortium heeft met eerdere financiering van Alpe d’HuZes & KWF een landelijke infrastructuur opgezet voor nazorg, waaraan al 23 ziekenhuizen meedoen.

Hoe wordt dit onderzoek uitgevoerd?

In dit nieuwe project wil het BETER-consortium een landelijke biobank opzetten met materiaal van zoveel mogelijk overlevenden van lymfoom. De biobank zal worden gekoppeld aan de gegevens die het BETER-consortium reeds verzamelt over late effecten van behandeling. De verzameling data die dat oplevert is enorm belangrijk voor onderzoek naar:

  • erfelijke aanleg voor late effecten na behandeling
  • biomarkers om late effecten eerder te herkennen (… en dus eerder te kunnen behandelen om erger te voorkomen)

Wat levert dit onderzoek op?

Overlevenden van HL en NHL hebben vaak nog vele jaren voor de boeg. De onderzoekers van het BETER-consortium willen dat die jaren in goede gezondheid kunnen worden ingevuld. Met  ’s werelds eerste (N)HL-biobank kunnen belangrijke stappen worden gezet om dat doel te realiseren.