Zonnebankgebruik

Zonnebank

De gevaren van een zonnebank verschillen volgens de Gezondheidsraad niet van die van de echte zon. Op lange termijn kunnen zich dezelfde problemen voordoen als bij de natuurlijke zon, waaronder huidveroudering en huidkanker. Bovendien geldt dat de uv-straling van de natuurlijke zon en van zonapparatuur bij elkaar opgeteld moeten worden. Uv-straling van zonapparatuur geldt dus als een extra bron voor uv-straling. Volgens een rapport van de Scientific Committee on Health, Environmental and Emerging Risks (SCHEER) is er daarnaast geen veilige blootstellingslimiet voor uv-straling van zonnebanken. Meer uv-straling, dus ook die van zonnebanken, betekent een groter risico op huidkanker. Daarbij is het zo dat zonnebankgebruik bijdraagt aan een snellere veroudering van de huid.

Vitamine D

Onder de zonnebank gaan voor het aanmaken van meer vitamine D is niet nodig. Met de buitenzon, goede voeding en (waar nodig) supplementen wordt voldoende vitamine D aangemaakt. Onder invloed van uv-straling afkomstig van de zonnebank kan de huid vitamine D aanmaken. In hoeverre dit gebeurt wisselt erg tussen de apparaten. Het gebruik van de zonnebank is vooral een extra bron van uv-straling. Hoe meer uv-straling, des te groter de kans op huidkanker.

Advies

  • Gebruik de zonnebank niet;
  • Onder de zonnebank gaan voor het aanmaken van meer vitamine D is niet nodig.