Zonnebankgebruik

Koningin Wilhelmina en onderzoeker

Is de zonnebank slechter dan de gewone zon?

De gevaren van een zonnebank verschillen volgens de Gezondheidsraad niet van die van de echte zon. Op lange termijn kunnen zich dezelfde problemen voordoen als bij de natuurlijke zon, waaronder huidveroudering en huidkanker. Bovendien geldt dat de uv-straling van de natuurlijke zon en van zonapparatuur bij elkaar opgeteld moeten worden. Uv-straling van zonapparatuur geldt dus als een extra bron voor uv-straling. Volgens een rapport van de Scientific Committee on Health, Environmental and Emerging Risks (SCHEER) is er daarnaast geen veilige blootstellingslimiet voor uv-straling van zonnebanken. Meer uv-straling, dus ook die van zonnebanken, betekent een groter risico op huidkanker. Daarbij is het zo dat zonnebankgebruik bijdraagt aan een snellere veroudering van de huid.

Vitamine D

Onder de zonnebank gaan voor het aanmaken van meer vitamine D is niet nodig. Met de buitenzon, goede voeding en (waar nodig) supplementen wordt voldoende vitamine D aangemaakt. Onder invloed van uv-straling afkomstig van de zonnebank kan de huid vitamine D aanmaken. In hoeverre dit gebeurt wisselt erg tussen de apparaten. Het gebruik van de zonnebank is vooral een extra bron van uv-straling. Hoe meer uv-straling, des te groter de kans op huidkanker.

Advies

  • Wij raden het gebruik van de zonnebank af. Zeker voor mensen met een licht huidtype. Zie hier de verschillen in huidtypes.
  • Kinderen en jongeren tot 18 jaar mogen geen gebruik maken van zonneapparatuur, tenzij een bevoegde arts anders voorschrijft.
  • Onder de zonnebank gaan voor het aanmaken van meer vitamine D is niet nodig.

Wij vinden het belangrijk dat:

  • Er een verplichting voor waarschuwingsberichten komt over de risico’s van zonnebanken;
  • Er een verbod komt op communicatie over de positieve gezondheidseffecten van zonnebanken;
  • Er een betere handhaving van de leeftijdsgrens van 18 jaar of ouder voor zonnebankgebruik is.
Terug naar het overzicht