Standpunt Bevolkingsonderzoek prostaatkanker

Man in gesprek met arts

Nadelen groter dan voordelen

KWF Kankerbestrijding vindt een bevolkingsonderzoek voor prostaatkanker met een PSA-test op dit moment niet wenselijk. KWF is van mening dat de nadelen zwaarder wegen dan de voordelen. De belangrijkste nadelen zijn overdiagnostiek en overbehandeling. Dit veroorzaakt veel onnodig leed. Het belangrijkste voordeel is minder sterfte aan prostaatkanker.

PSA-test

PSA (prostaat specifiek antigeen) is een eiwit dat wordt aangemaakt in prostaatcellen. Bij prostaatziektes, waaronder prostaatkanker, kan het PSA-gehalte toenemen. Dit is te meten met de PSA-test.

Voordeel: minder doden

Het voordeel van screening met PSA is minder sterfte aan prostaatkanker. Uit een grote, langlopende Europese studie onder ruim 160.000 mannen (55-69 jaar) blijkt de prostaatkankersterfte met 20% af te nemen (van 8,92 op 1.000 mannen naar 7,17 op 1.000).

In andere studies komt dit verband minder sterk naar voren. Een analyse van de 5 grootste studies naar prostaatkankerscreening laat een kleiner effect op de prostaatsterfte zien: voor elke 1.000 mannen die 10 jaar lang gescreend werden, overleed er 1 minder aan prostaatkanker.

Hoeveel prostaatkankerdoden een bevolkingsonderzoek precies kan voorkomen, is dus moeilijk te zeggen. In het gunstigste geval zijn het er jaarlijks zo'n 300 tot 500 in Nederland. Dit hangt uiteraard ook af van hoeveel mannen meedoen, hoe vaak ze gescreend worden en op welke leeftijd.

Nadelen: onterechte angst en veel onnodig leed

De PSA-test is een belangrijk hulpmiddel bij de opsporing van prostaatkanker, maar niet erg betrouwbaar. Lang niet elke prostaattumor geeft een verhoogde PSA-waarde en lang niet elke verhoogde PSA-waarde wijst op prostaatkanker. Binnen een bevolkingsonderzoek heeft dat grote nadelen:

  • Valse geruststelling: veel mannen worden onterecht gerustgesteld. Ze denken geen prostaatkanker te hebben, terwijl dit wel zo is. Bij ongeveer 15% van de mannen met een normale PSA-waarde wordt later alsnog prostaatkanker gevonden (voordat de volgende screening plaatsvindt).
  • Vals alarm: veel mannen worden onterecht bang gemaakt. Ze vrezen prostaatkanker te hebben, terwijl dit niet zo is. Naast de angst en onzekerheid die dat geeft, ondergaan zij ook onaangenaam vervolgonderzoek. Meestal zijn dat biopsieën (afname van stukjes weefsel). Hierbij kunnen bloedingen, infecties of andere complicaties optreden. Bij ongeveer 1 op de 7 gescreende mannen is de PSA-waarde te hoog. De meerderheid van deze mannen krijgt daarna een biopsie. Twee derde van hen heeft géén prostaatkanker.
  • Overdiagnostiek: overdiagnostiek is de opsporing van een tumor waarvan men zonder screening nooit weet of last van zou hebben gehad. Veel prostaattumoren zijn relatief onschuldig. Ze groeien langzaam en geven geen klachten. Bijna iedere man krijgt prostaatkanker als hij maar oud genoeg wordt. De kans om eraan te overlijden is echter klein. Men zegt wel dat de meeste mannen overlijden ‘met’ prostaatkanker i.p.v. ‘aan’ prostaatkanker. Met andere woorden: als mannen na een PSA-test ontdekken dat ze prostaatkanker hebben, wil dat niet zeggen dat ze langer leven dan zonder screening het geval was geweest. De screening bestempelt ze echter wel tot kankerpatiënt met alle fysieke en psychosociale gevolgen van dien. 
  • Overbehandeling: overbehandeling is de behandeling van een tumor die nooit tot klachten zou hebben geleid. Omdat de agressiviteit van een tumor niet goed te voorspellen is, worden veel mannen uit voorzorg behandeld. Wanneer het een onschuldige tumor betreft, is dat dus voor niets. De behandeling heeft daarentegen wel risico's. Complicaties zoals incontinentie en impotentie kunnen de kwaliteit van leven flink aantasten.

Schatting van de gezondheidsschade van overdiagnostiek en overbehandeling per 1.000 gescreende mannen:

  • 1 extra man die met een bloedvergiftiging moet worden opgenomen in het ziekenhuis
  • 3 extra mannen die incontinentiemateriaal nodig hebben
  • 25 extra mannen die erectieklachten krijgen

Oordeel

Hoewel screening ervoor kan zorgen dat minder mannen overlijden aan prostaatkanker, vindt KWF de nadelen zwaarder wegen dan de voordelen. Dit standpunt wordt breed gedragen in Nederland. Ook het RIVM, de Gezondheidsraad, IKNL, de ProstaatKankerStichting en de medische beroepsgroep zijn geen voorstander van een bevolkingsonderzoek voor prostaatkanker met PSA-screening. De meeste partijen wijzen wel op het belang van gedeelde besluitvorming en individuele keuzevrijheid.

Advies en informatie

Mannen die een PSA-test overwegen, zich zorgen maken over prostaatkanker of klachten hebben die kunnen wijzen op prostaatkanker wordt aangeraden om contact op te nemen met hun huisarts. Samen kunnen zij de voor- en nadelen bespreken van een PSA-test (en eventueel ander onderzoek). 

KWF vindt dat huisartsen een actieve(re) rol moeten spelen in de voorlichting over de risicofactoren, symptomen en diagnostiek van prostaatkanker. Elke man moet weten dat hij via de huisarts zijn PSA kan laten testen. KWF vindt echter niet dat mannen dat standaard moeten doen. We zijn er ook niet voor dat huisartsen proactief PSA-testen aanbieden, tenzij daar een duidelijke aanleiding voor is.

Meer informatie is te vinden op thuisarts.nl. Hier wordt o.a. een keuzehulp aangeboden die kan helpen bij de beslissing om wel of niet op PSA te testen.

Meer informatie over prostaatkanker:

Geraadpleegde bronnen

  1. Prostaatkankerstichting.nl nog geen uitgesproken voorstander van bevolkingsonderzoek naar prostaatkanker
  2. Bevolkingsonderzoek naar prostaatkanker - ProstaatKankerStichting
  3. Standpunt Prostaatkankerstichting.nl ‘Bewustwording prostaatkanker & PSA-bepaling bij de huisarts’
  4. Hugosson J, et al. A 16-yr Follow-up of the European Randomized study of Screening for Prostate Cancer. Eur Urol. 2019 Jul;76(1):43-51. doi: 10.1016/j.eururo.2019.02.009. Epub 2019 Feb 26. PMID: 30824296; PMCID: PMC7513694.
  5. Ilic Dragan, Djulbegovic Mia, Jung Jae Hung, Hwang Eu Chang, Zhou Qi, Cleves Anne et al. Prostate cancer screening with prostate-specific antigen (PSA) test: a systematic review and meta-analysis BMJ 2018; 362 :k3519
  6. Tikkinen Kari A O, Dahm Philipp, Lytvyn Lyubov, Heen Anja F, Vernooij Robin W M, Siemieniuk Reed A C et al. Prostate cancer screening with prostate-specific antigen (PSA) test: a clinical practice guideline BMJ 2018; 362 :k3581
  7. Carlsson SV, Vickers AJ. Screening for Prostate Cancer. Med Clin North Am. 2020 Nov;104(6):1051-1062. doi: 10.1016/j.mcna.2020.08.007. Epub 2020 Sep 16. PMID: 33099450
  8. Heijnsdijk EA, Wever EM, de Koning HJ et al. Quality-of-life effects of prostate-specific antigen screening. N Engl J Med. 2012 Aug 16;367(7):595-605. doi: 10.1056/NEJMoa1201637. PMID: 22894572; PMCID: PMC4982868.
  9. PSA-test voor vroege opsporing van prostaatkanker - Achtergronddocument bij: Maat houden met medisch handelen Nr. 2017/06, Den Haag 21 juni 2017
  10. Oncoline – richtlijn oncologische zorg
  11. IKNL - PSA-screening op prostaatkanker: een ‘snelle’ richtlijn voor de klinische praktijk
  12. RIVM - Overdiagnostiek en overbehandeling (PSA-test als voorbeeld)
  13. Robin W.M. Vernooij en Marco H. Blanker. Prostaatkankerscreening met de PSA-test – Een klinische richtlijn Ned Tijdschr Geneeskd. 2018;162:D3527
  14. Marianne Snijder en Eric Meuleman. Nu geen bevolkingsonderzoek naar prostaatkanker. Ned Tijdschr Geneeskd. 2014;158:A8372
  15. Kan ik mijn PSA waarde ‘zomaar’ laten bepalen als ik geen klachten heb? – Andros Mannenkliniek
  16. Prostate Cancer: Screening - Recommendations made by the USPSTF