Angst voor uitgroei van kanker

Illustratie onderzoekers, artsen en patiënten met de tekst "Dit onderzoek is mogelijk dankzij donaties".

Onderzoekssamenvatting

Gepubliceerd op 28 maart 2019

Dankzij nieuwe behandelingen wordt uitgezaaide kanker nu bij meer patiënten en langer onder controle gehouden. Maar deze patiënten hebben vaak last van angst voor uitgroei (progressie) van de ziekte. Hoe pikken we deze groep eruit, zodat we ze goed kunnen ondersteunen?

Doel van dit onderzoek

In dit project willen onderzoekers erachter komen welke patiënten tijdens hun behandeling last krijgen van angst voor uitgroei van de ziekte.

Waarom is dit onderzoek nodig?

Er zijn steeds meer behandelingen beschikbaar voor patiënten met uitgezaaide kanker. Gelukkig blijven zij daardoor ook langer leven. Dat geeft hoop, maar tegelijkertijd is er ook de angst dat de behandeling op een gegeven moment geen effect meer heeft. Op dit moment is er nog weinig onderzoek gedaan naar angst voor uitgroei van de ziekte bij deze groep mensen. Er wordt gedacht dat deze vorm van angst anders in elkaar zit dan angst voor terugkeer van de ziekte, iets wat al wel uitvoerig is onderzocht én kan worden behandeld. Daarom is het belangrijk om te onderzoeken hoe angst voor progressie tijdens de behandeling in elkaar zit. Zodat patiënten die hier last van hebben, kunnen worden geholpen.

Hoe wordt dit onderzoek uitgevoerd?

In het begin van het project worden interviews en focusgroepen gehouden met patiënten, hun partners en zorgverleners. Met deze informatie zetten gespecialiseerde psychologen vervolgens een klinisch standaardinterview op. Daarmee kunnen patiënten worden gedetecteerd die hulp nodig hebben bij hun angst. Dat wordt gebruikt om patiënten daadwerkelijk (maandelijks) te bevragen met een vragenlijst. In het laatste deel worden patiënten op vrijwillige basis gevolgd voor en na hun behandelingen, om dit fenomeen goed vast te leggen in de medische setting.

Wat levert dit onderzoek op?

Door angst voor progressie op verschillende manieren te onderzoeken, willen de onderzoekers een manier ontwikkelen om toekomstige patiënten met angst voor uitgroei vroegtijdig te identificeren en door te verwijzen voor passende hulp.