Onderzoekers van de week: Bart Knottnerus, Lucinda Bertels en Henk van Weert

KWF.nl > Onderzoek > Dit onderzoek maken we mogelijk > Onderzoekers van de week: Bart Knottnerus, Lucinda Bertels en Henk van Weert

Je kunt allerlei redenen bedenken waarom mensen geen coloscopie laten doen, maar we weten het niet.

Dr. Bart Knottnerus

​Redenen om geen darmonderzoek te ondergaan in het bevolkingsonderzoek

In deze rubriek vertelt meestal één onderzoeker over zijn of haar KWF-onderzoek, maar deze week komen er 3 onderzoekers tegelijk aan het woord. En waarom ook niet? Wetenschap is immers teamwork. Dat vinden ook professor Henk van Weert, dr. Bart Knottnerus en promovenda Lucinda Bertels. In het AMC Amsterdam richten zij zich op de verbetering van het bevolkingsonderzoek naar darmkanker, dat in 2014 in Nederland werd geïntroduceerd.
 
Huisarts/onderzoeker Bart Knottnerus trapt af: “Mensen die aan het bevolkingsonderzoek meedoen sturen ontlasting op om te laten onderzoeken of er bloed in zit. Soms is dat het geval, maar dat wil niet zeggen dat er ook echt sprake is van kanker.”
 
Om vast te stellen of er meer aan de hand is, krijgen deze mensen een uitnodiging voor een inwendig kijkonderzoek van de darm: de zogeheten coloscopie. Uit cijfers blijkt echter dat lang niet iedereen op die uitnodiging ingaat. Knottnerus: “Van de mensen die wél een coloscopie laten doen, blijkt 9% kanker te hebben. We nemen aan dat dat percentage hetzelfde is bij mensen die niet voor de coloscopie kiezen. Die mensen mis je dus, terwijl ze wel darmkanker hebben.”
 
Als er darmkanker wordt gevonden tijdens het bevolkingsonderzoek, dan is dat vaak nog in een vroeg en goed te behandelen  stadium.
 
Om hoeveel mensen het daadwerkelijk gaat, verschillen de meningen aan tafel. Schattingen van rond de 1.000 of iets daaronder worden genoemd. Hoe dan ook een serieus probleem. Daarom willen de onderzoekers uitzoeken welke redenen mensen hebben om geen vervolgonderzoek te laten doen nadat er bloed in hun ontlasting is gevonden.
 

Op zoek naar redenen

Lucinda Bertels gaat proberen deze redenen te achterhalen via interviews. Zowel met mensen die niet komen opdagen voor een coloscopie als met mensen die dat wel doen. “Kwalitatief onderzoek noemen we dat. Interviews leveren veel meer informatie op dan bijvoorbeeld vragenlijsten, waarbij je als onderzoeker zelf gesloten vragen en antwoorden bedenkt. In interviews laat je mensen hun eigen ervaringen beschrijven.”
 
De onderzoekers kijken verder dan alleen naar de personen die deelnemen aan het bevolkingsonderzoek. Bertels: “We onderzoeken ook de rol van huisartsen. Wat voor adviezen geven zij? Raden ze het bijvoorbeeld af om deel te nemen? Moeten mensen te ver reizen? Het zijn allemaal factoren die van invloed kunnen zijn.”
 
Knottnerus vult aan: “Je kunt allerlei redenen bedenken waarom mensen geen coloscopie laten doen. Angst voor de coloscopie zelf bijvoorbeeld. Of dat er iets anders op hun pad komt, problemen die belangrijker zijn. Zoals een partner die terminaal ziek is. Dat heb ik in mijn eigen praktijk meegemaakt. Of ze kunnen de informatie niet goed begrepen hebben, dat kan ook.”
 ​
Ik denk dat we een zinvolle bijdrage leveren aan het verbeteren van het screeningsprogramma. En dus aan de bestrijding van kanker.

Professor Van Weert noemt een economisch argument: “Of het is gewoon te duur, omdat je je eigen risico kwijt bent door zo’n coloscopie. Reken maar uit, als je als ouder echtpaar samen meedoet en daarna allebei een coloscopie laat doen. Voor sommige mensen is het te veel geld. Maar goed, we weten het dus niet. En daarom is dit onderzoek nodig. Want als je meedoet aan de coloscopie en er wordt darmkanker gevonden, dan is dat vaak nog in een vroeg en goed te behandelen  stadium.”
 
Zijn er eigenlijk gegronde redenen om niet mee te doen? Zoals mogelijke complicaties van de coloscopie? Bertels: “In sommige situaties is de keuze heel begrijpelijk. Het blijft natuurlijk een persoonlijke beslissing. Daarom gaan we ook in op de ethische vraag in hoeverre je mensen moet overhalen om een coloscopie te gaan doen.”
 
Knottnerus: “Ik vraag het mezelf ook wel eens af. Wat zou ik nou doen als ik zo’n uitslag kreeg? Maar dat vind ik heel moeilijk te beantwoorden. Juist omdat je allerlei motieven vóór maar ook tégen kunt verzinnen. Hoe je die argumenten weegt, dat is heel persoonlijk.”
 

De oplossing?

Grote vraag is natuurlijk: als na dit onderzoek duidelijker is waarom mensen niet meedoen aan het vervolgonderzoek, wat gebeurt er dan met die resultaten? Bertels: “Ik denk dat dat helemaal afhangt van wat we gaan vinden. Als blijkt dat het eigen risico mensen tegenhoudt, dan zou ik zeggen: maak een uitzondering hiervoor. Daarom kijken we ook naar het zorgstelsel.”
  
Knottnerus: “Maar uiteindelijk zou je natuurlijk een soort tool willen hebben waarmee het makkelijker wordt om die motieven duidelijk te krijgen. Dan kun je de motieven bespreekbaar maken en nagaan of iemand een weloverwogen beslissing neemt of dat er iets anders speelt. Ik denk dat het echt een zinvolle bijdrage kan zijn aan het verbeteren van het screeningsprogramma. En dus aan de bestrijding van kanker, uiteindelijk.”
 

Voorkomen is beter dan genezen

Professor Van Weert krijgt het laatste woord: “Er ligt op dit moment ontzettend veel nadruk op de verbetering van het lot van patiënten. Personalized medicine, betere geneesmiddelen…  Ik denk zelf dat je voorlopig de grootste stap kunt maken aan de voorkant. Zorgen dat je er op tijd bij bent. Daarmee kun je meer gezondheidswinst boeken met veel minder inspanningen.”

Select the Component and add.
Close

Dossier

​Naam:  prof. H.C.P.M. (Henk) van Weert, drs. L.S. (Lucinda) Bertels en dr. B. J. (Bart) Knottnerus.
Instituut: AMC Amsterdam
Vakgebied: Huisartsgeneeskunde
Start project: 1 september 2016
Looptijd: 3 jaar
Financiering KWF: € 285.200,-

Meedoen?

Deelnemen aan de ARCUS studie is nog mogelijk. Uw bijdrage wordt zeer gewaardeerd.