Onderzoeker van de week: André Dekker

KWF.nl > Onderzoek > Dit onderzoek maken we mogelijk > Onderzoeker van de week: André Dekker

​We gaan selecteren welke patiënten het meest baat zullen hebben bij protonentherapie.

prof. dr. André Dekker

Samen gegevens verzamelen over protonenbestraling

In augustus 2017 kende KWF voor het eerst financiering toe aan ‘infrastructurele initiatieven’. Daarmee kwam 7 miljoen euro beschikbaar voor 9 projecten die ondersteuning bieden aan kankeronderzoek in Nederland. Om te verduidelijken wat dat is, infrastructuur in kankeronderzoek, vertelt klinisch fysicus prof. André Dekker (MAASTRO Clinic) over zijn gehonoreerde project op het gebied van protonentherapie.
 
Ook ‘protonentherapie’ is een begrip dat hij graag verduidelijkt: “Bestraling van mensen met kanker gebeurt momenteel vooral met fotonen. Een eigenschap van deze deeltjes is dat fotonen hun dosis in je hele lichaam afgeven terwijl ze er doorheen reizen. Je bestraalt dus in feite niet alleen de tumor, maar ook wat er voor en achter de tumor ligt. Dat geeft bijwerkingen. Zo kunnen patiënten met longkanker door bestraling met fotonen longontsteking krijgen. Een droge mond is een typisch probleem bij bestraling van hoofd-halskanker.”
 

Protonen: voor- en nadelen

Hoe verschilt dit dan van protonen? “Die geven heel weinig dosis af als ze door het lichaam reizen. En als ze afgeremd worden, dan geven ze een hoge piek aan dosis af en verdwijnen ze. Dat geeft veel minder bijwerkingen.”
 
Een belangrijk nadeel van protonenbestraling is dat het flink aan de prijs is. Daarom zijn er in de praktijk eigenlijk nog amper studies gedaan naar de werking van protonenbestraling in de praktijk. “Zo’n faciliteit bouwen kost tientallen miljoen euro’s”, weet Dekker. “Daarom is het een beetje een kip-ei-verhaal. Zolang je die faciliteiten niet bouwt, kun je geen studies doen om te bewijzen dat het werkt. Terwijl het theoretisch heel logisch is dat bestraling met protonen werkt. De eerste ervaringen in andere landen, zoals Duitsland, Amerika en Japan, zijn goed. Nu is het aan ons om het in Nederland te onderzoeken.”
 
Momenteel wordt er op 3 locaties in het land gewerkt om protonenbestraling beschikbaar te maken voor patiënten. “In Groningen, in Delft en eentje bij ons in Maastricht. Ook Amsterdam gaat misschien op termijn een centrum krijgen.”
 

Wie heeft het meeste baat?

Om de effecten van protonenbestraling te bestuderen gaan onderzoekers in deze instellingen samenwerken. In eerste instantie zullen 1600 patiënten met protonenbestraling behandeld gaan worden. “We gaan selecteren welke patiënten het meest baat zullen hebben bij protonentherapie. Puur natuurkundig gedacht heeft iedereen er baat bij, maar heel veel mensen kunnen nu met fotonentherapie óók al goed behandeld worden zonder al teveel bijwerkingen. Maar als je tumor bijvoorbeeld op je ruggenmerg zit, is het heel belangrijk dat er niks om de tumor heen beschadigd raakt. Voor zulke patiënten heeft protonentherapie veel meer zin.”
 
Het is superbelangrijk dat onderzoekers bij KWF financiering aan kunnen vragen voor infrastructuurprojecten.
 
Uniek aan dit project is dat het selecteren van de juiste groep patiënten niet een menselijke taak is, maar aan computers is uitbesteed. Dekker: “Er zijn heel veel factoren die uitmaken hoe gevoelig je bent voor straling. Genetische factoren, leeftijd, andere ziektes zoals COPD… Die factoren stoppen we in modellen die zowel voor fotonen als protonen uitrekenen hoe de dosisverdeling eruitziet in het lichaam. Daaruit moet blijken welke patiënt het meest baat heeft bij protonen.”
 

Infrastructuur & learning healthcare

Tot zover de protonen, maar wat is nou precies een infrastructureel initiatief? “De infrastructuur heeft te maken met het delen van data. De protonencentra in Nederland hebben met elkaar afgesproken de data met elkaar te delen, zodat goed zichtbaar wordt of protonentherapie echt nut heeft. Infrastructuur is dat je alle data op dezelfde manier verzamelt en analyseert. Denk aan de beelden van die patiënten, de dosisverdeling bij de bestraling en de follow-up-CT-scans. Die standaardisatie noemen wij infrastructuur.”
 
Het tweede aspect van dit project gaat over ‘learning healthcare’. En dat vindt Dekker misschien nog wel interessanter. “We gaan werken met zelflerende modellen. Dus de data die je elke dag verzamelt van patiënten voedt je in een computer, die daar weer van leert en het model van gisteren updatet naar het model van vandaag. Zo wordt het model gaandeweg steeds nauwkeuriger. En vervolgens, dat is de laatste stap, moet dat model ook weer gelijk beschikbaar worden voor de dokter die de patiënt van vandaag voor zijn neus heeft staan.”
 

Klinisch fysicus met voorliefde voor IT

De projectleiders van dit infrastructurele initiatief brengen 2 werelden samen. Professor Dekker is klinisch fysicus, mede-aanvrager prof. Hans Langendijk is zelf als radiotherapeut nauw betrokken bij patiëntenzorg.
 
Dekker, over zijn inbreng als klinisch fysicus: “Straling is een natuurkundig onderwerp, daarom werken er veel klinisch fysici in de radiotherapie. We houden ons bezig met de vraag of de straling wel komt waar hij moet zijn en hoe je dat goed kunt meten. Daarnaast richt ik me op IT en data. Ik ben ook hoogleraar Clinical Data Science aan de universiteit hier in Maastricht. Het doel van mijn leerstoel is dat we data over de hele wereld aan elkaar kunnen koppelen om te komen tot modellen die we toepassen om de juiste behandeling te selecteren. We zien de IT hier niet langer als dienst in het ziekenhuis, maar bijna als primaire taak. Dus vind ik dat er we ook onderzoek naar moeten doen.”
 
“Dit onderwerp, big data, is in de afgelopen jaren een enorm hot topic geworden”, besluit de professor. “Wat we hier aan het doen zijn is eigenlijk big data in de protonentherapie gebruiken om continu de protonentherapie en de patiëntselectie daarvoor te verbeteren. En er zijn nog wel meer interessante dingen op dit gebied gaande. Big data rondom beeldvorming bijvoorbeeld. Er zijn nu hele geavanceerde technieken om beelden mee te analyseren. Daarmee zie je dingen in beelden die we vroeger nooit zagen, die je als mens gewoonweg niet kunt zien. Is de tumor anders geworden? Is die misschien nu niet meer gevoelig voor bestraling, maar wel voor chemo- of immunotherapie? Het is dan ook superbelangrijk dat onderzoekers bij KWF financiering aan kunnen vragen voor infrastructuurprojecten.”

Select the Component and add.
Close

Dossier

Naam: prof. dr. ir. A.L.A.J. (André) Dekker
Instituut: MAASTRO Clinic, UMC Groningen
Vakgebied: radiotherapie
Start onderzoek: begin 2018
Looptijd: 3 jaar
Financiering KWF: €1.545.098,60