Kijk terug: Meeting of Minds 2014

KWF.nl > Onderzoek > Meeting of minds > Kijk terug: Meeting of Minds 2014

​Communicatie moet de basis zijn voor alle zorgverleners en niet als iets ‘extra’s’ beschouwd worden.

Julia van Weert, universitair hoofddocent Gezondheidscommunicatie aan de UvA

Terugblik kanker en ouderen: communicatie voor elkaar?

Op 17 mei 2014 kwamen onder andere patiënten, zorgprofessionals, beleidsmakers, voorlichters en onderzoekers bij elkaar om te praten over communicatie met en over de oudere kankerpatiënt.
 
Julia van Weert, universitair hoofddocent Gezondheidscommunicatie aan de UvA, gaf antwoord op de subtitel van de dag:
 
 Nee, we hebben de communicatie niet voor elkaar. Het moet de basis zijn voor alle zorgverleners en niet als iets ‘extra’s’ beschouwd worden. Het is nodig om tot goede resultaten te komen en het leidt zelfs tot betere gezondheid, minder angst en betere therapietrouw bij patiënten.

 

Communicatie met de patiënt

De belangrijkste informatiebron voor ouderen is hun arts of verpleegkundige. De communicatie tussen patiënt en zorgverlener moet afgestemd zijn op de patiënt die voor je zit, maar met ouderen is dit complexer. Ouderen hebben vaker cognitieve beperkingen wat de communicatie bemoeilijkt. Hoe informeer je ouderen dan op een duidelijke manier over de  voor- en nadelen van een behandeling? Daarnaast weten we erg weinig over behandelingen bij ouderen in het algemeen. Volgens Ivan Wolffers, arts, schrijver, patiënt en emeritus hoogleraar Gezondheidszorg en Cultuur, zouden patiënten in de lead moeten zijn in de communicatie met hun zorgverlener. De deskundige mag volgen en daar iets moois van maken.
 
 
Beter inspelen op de behoeften
body3_contentpagina_2014.jpgJulia vertelt dat ouderen zelf echter minder vragen stellen en minder pro-actief zijn, terwijl dit juist goed is voor een betere informatieverwerking. Ook blijven ouderen vaker dan jongeren zitten met onvervulde communicatiebehoeften. Met het beter inspelen op de behoeften van de patiënt kun je de hoeveelheid en soort informatie beter afstemmen. Want hoe relevanter de informatie is, hoe beter het onthouden wordt. André Willems, darmkankerpatiënt, geeft tevens aan dat men gerichter en duidelijker mag informeren. Volgens Julia zijn er verschillende aspecten in de communicatie tussen zorgprofessionals en ouderen die meer aandacht nodig hebben. Zo moet er meer gesproken worden over toekomst en laatste levensfase. En moet er meer aandacht komen voor naasten van de patiënt. Chris Laarakker, prostaatkankerpatiënt, bevestigt dit met zijn verhaal. Zijn vrouw heeft een grote rol gespeeld in het verwerken van informatie over zijn behandeling en het zoeken van lotgenotencontact.
 
Objectieve vrienden
Panellid Désirée Verheijen, klinisch geriater bij Ziekenhuis Gelderse Vallei, geeft ouderen de tip om ‘objectieve’ vrienden/kennissen van dezelfde leeftijd mee te nemen naar een afspraak. Dit omdat kinderen van oudere patiënten soms de wensen van hun ouders niet meer begrijpen. Daarnaast vinden ouderen hun zorgverleners niet open en vriendelijke genoeg in hun communicatie. Sfeer is voor ouderen nóg belangrijker dan voor jongeren. Een goede sfeer in de behandelkamer helpt ouderen bij het verwerken van de informatie. André waarschuwt wel voor betutteling van de patiënt, wat nog teveel gebeurt volgens hem.
 
Online informatie toegespitst op ouderen
body_contentpagina_2014.jpgInternet biedt veel mogelijkheden als aanvullende informatie, maar zijn momenteel (nog) niet goed toegespitst op ouderen, aldus Julia. André stipt het belang van patiëntenorganisaties aan, want zij kunnen ook als wegwijzer en adviseur dienen. Chris geeft als tip voor oudere patiënten om gebruik te maken van keuzehulpen,  zoals deze beschikbaar zijn bij het RadboudUMC, de VU en in Tilburg. Ze helpen bij zelfmanagement en maken van patiënten een goede gesprekspartner voor de arts.  Franchette van den Berkmortel, internist-oncoloog in het Atrium MC vult later nog aan dat het hebben van een buddy patiënten kan helpen meer te participeren in de gesprekken met zorgverleners. Mariska Boer, oncologisch-geriatrisch verpleegkundige in het Groene Hart Ziekenhuis, heeft basale en makkelijk toe te passen tips voor zorgverleners: wijs op leesbril en batterijen voor het gehoorapparaat. Gebruik beeldmateriaal en grote letters indien nodig. Zeg dat je de tijd hebt en dat ze niet meteen hoeven te beslissen Gebruik geen medische termen en vraag wat kwaliteit van leven voor hen inhoudt.
 
 

Communicatie over de patiënt

Tijdens een multidisciplinair overleg (MDO) zou de hoofdbehandelaar van de oudere kankerpatiënt moeten bepalen wie er bij het overleg zit en het totaaloverzicht moeten behouden. Ook kan en móet de communicatie en overdracht tussen de zorgprofessionals (ook de huisarts) beter. Wie kan wat doen en hoe kunnen we elkaar helpen? Met bestaande structuren zou het anders ingericht moeten kunnen worden.
 
Geriatrisch assessment
Julia geeft aan dat we een lans moeten breken voor de geriatrische assessment. Er is nu namelijk veel over- en onderbehandeling van oudere kankerpatiënten. Beslissingen voor behandelingen worden gemaakt op basis van kalenderleeftijd, terwijl deze gemaakt moeten worden op basis van de biologische leeftijd en vitaliteit van een patiënt. Ook Mariska pleit hiervoor. Want, naast een goed totaalplaatje van de patiënt, levert het ook vertrouwen van de patiënt op. Daarnaast zou elk ziekenhuis een oncologisch-geriatrisch verpleegkundige in dienst moeten hebben. Mariska kijkt niet alleen naar de kanker, maar ook naar eventuele comorbiditeit en, minstens zo belangrijk, de patiënt zelf. Ze is de rode draad tussen de verschillende disciplines, die betrokken zijn bij de zorg voor de oudere kankerpatiënt.
 

Shared decision making


body2_contentpagina_2014.jpgOudere patiënten moeten meer betrokken worden bij de besluitvorming rondom hun behandelingen. Patiënten krijgen de beslissingen nu vaak meegedeeld, terwijl nauwelijks gevraagd wordt naar de eigen wensen. Marjolein van de Pol, kaderhuisarts bij het RadboudUMC, legt in haar verhaal uit dat wensen van oudere patiënten vaak niet medisch zijn. Wensen  zijn ook autonomie en zelfstandig blijven wonen, terwijl artsen nog steeds denken in ziektes en behandelingen. De patiënt moet als partner gezien worden, ofwel ‘patient partnership’ zoals Anne Stiggelbout, hoogleraar Medische Besliskunde aan het LUMC het verwoordt. Volgens haar moeten patiënten bewust gemaakt worden dat er opties zijn en welke voor- en nadelen deze opties hebben. Schat in of de oudere patiënt zelf kán beslissen en help de patiënt bij het maken van keuzes. Volgens Franchette is het wel de kunst om de mate van participatie per patiënt te bepalen.
 
Er is nog weinig bekend over ouderen en besluitvorming. Marjolein is, naast Anne, een van de weinigen die hier onderzoek naar doet. Volgens haar heeft de huisarts een bindende rol in de gezamenlijke besluitvorming en moet altijd betrokken worden. Ze kijkt kritisch naar haar eigen veld en concludeert dat er nog veel te winnen is, zoals in het opleiden van artsen en in het vinden van de juiste rolmodellen. De communicatie met en over de oudere kankerpatiënt kan, met soms redelijk eenvoudige middelen, verbeterd worden. Daarom stelt KWF Kankerbestrijding geld beschikbaar voor beleidsprojecten om het communicatieknelpunt aan te pakken. 

Select the Component and add.
Close